Meditatie
‘Neem mijn juk op je, want Mijn juk is zacht en Mijn last is licht’
Voordat de veerboot ons op 1 mei naar Schiermonnikoog zou brengen, namen we eerst koffie en gebak op het terras van het visrestaurant vlakbij de veerboot in Lauwersoog. Daarna bracht de boot ons naar Schiermonnikoog. Toen we een week later vanaf de veerboot weer langs dat restaurant fietsten, zei ik tegen Selma: ‘Kijk, daar zaten we een half jaar geleden!’ Selma wist direct wat ik bedoelde. Zo lang kan een vakantie duren, ook al was het feitelijk maar een week.
De zomer biedt voor velen rust. Er is volop licht van de zon en ook het werk is in de zomertijd vaak lichter. Dat is ook wat Jezus te bieden heeft volgens Matteüs 28 vers 29. Dat lijkt vreemd, want als we niet uitkijken zien we dat Jezus vooral met verplichtingen komt aanzetten, met dingen die we ook nog eens moeten doen. We zijn er goed in om elkaar op te jutten en elkaar en onszelf extra te belasten met van alles en nog wat. Jezus krijgt dan een plek in ons geweten, waar een vervelend stemmetje ons vertelt wat we eigenlijk ook nog zouden moeten doen. In plaats daarvan komt de Bijbel met het begrip sabbat, dat afkomstig is van een werkwoord dat zoiets betekent als ophouden, even helemaal niets. Het is daarom dat we tot in onze tijd wekelijks een vrije dag hebben, een dag waarop je even helemaal niets hoeft te doen en vrij bent. Die ene dag in de week verwijst naar het Rijk van God waar het elke dag zo mag zijn.
Omdat twee emmers zwaar zijn, werd er een juk gebruikt om het gewicht over je schouders te verdelen. We zijn er als mensen goed in om elkaar een juk op te leggen. Dat varieert van de verwachting dat je regelmatig je straatje veegt en je auto wast (waar ik niet goed in ben) tot werk dat je voor de kerk of vereniging moet doen. Jezus legt ons een ander juk op: het is zacht en licht. Het is goed om je dat te herinneren, vooral als je veel zorg moet bieden aan geliefden, je tuin aandacht nodig heeft omdat die zo snel overwoekert door onkruid, allerlei vrijwilligerswerk gedaan moet worden, of dat we aan de slag moeten om de toekomst van onze kerkelijke gemeenten veilig te stellen.
Over de mogelijke route van onze beide protestantse gemeenten valt wat meer te lezen in dit blad, maar de kern is het niet. We zijn geen kerkgenootschap vanwege onze gebouwen en niet vanwege onze organisatie, maar vanwege het juk van Jezus dat zacht is en de last die licht is. Het is een apart juk, dat juk van Jezus. Het ligt niet op onze schouders, maar het dráágt ons! De kern is namelijk dat je er mag zijn zoals je bent. Het gaat niet om wat je presteert of wat je allemaal organiseert of laat zien, maar dat je er mag zijn. Dat is een paradoxale boodschap, maar eentje die het leven licht maakt. In onze cultuur is het precies andersom. Daar ben je wat je kunt, wat je doet, wat je laat zien. In het evangelie ben je echter per definitie iemand die er mag zijn. Ik, jij, maar ook de buurvrouw, de vluchteling, de zieke en noem maar op. Want Jezus’ juk is zo zacht en licht dat het je draagt. Zo worden de dingen die je doet lichter. Je hoeft er namelijk niets mee te verdienen, je hoeft je er ook niet mee te bewijzen, want je mag er gewoon zijn zoals je bent. En het bijzondere is dat het kan zijn dat je dan zomaar van alles gaat doen.
Aart Veldhuizen